Doodshoofdaapjes

Waarom heb ik dit onderwerp gekozen?

Ik heb voor mijn profielwerkstuk gekozen om het groepsleven van de doodshoofdaapjes te gaan bestuderen. Ik ben tot dit onderwerp gekomen, omdat ik zelf bij Apenheul heb gewerkt en daarbij vaak in het doodshoofdapen gebied heb gestaan. Hierbij ben ik natuurlijk al het een en ander te weten gekomen over deze diersoort, maar ik ben er ook achter gekomen dat het groepsleven van deze dieren heel ingewikkeld in elkaar zit. Daarom vond ik dit een mooie kans om dieper op dit onderwerp in te gaan.

Uiterlijke kenmerken

Doodshoofdaapjes zijn kleine, tenger gebouwde apen met een korte, dichte, en zachte vacht. De vacht is goudachtig geel gekleurd, en de bovenkant van de kop en het puntje van de staart zijn zwart. Verder is het gebied rond de ogen, en de oortjes wit. Doodshoofdaapjes komen aan hun naam, doordat de witte gezichtstekening wat weg heeft van een schedel. Dit verschilt per soort.[3]

De lichaamslengte van deze aapsoort varieert tussen de 27 en de 31 centimeter. De staart van deze dieren is iets langer, ongeveer 36 centimeter. De lange staart hebben ze nodig om evenwicht te houden als ze klimmen. Ze zwaaien de staart dan heen en weer, zoals mensen hun armen uitsteken en op en neer bewegen.

Een ander belangrijk onderdeel voor het klimmen bij de apen, zijn de duimen. Doodshoofdapen hebben aan alle vier de poten vijf vingers, waarvan aan elke voet één duim. Hij heeft dus ook duimen aan de achterpoten. Hiermee kan hij zich goed vasthouden aan takken.

De lange staart, de duimen, en het slanke lichaam zorgen ervoor dat de doodshoofdaapjes een van de snelste door de bomen bewegende aapsoort is. [4]

Leefgebied en voedsel

Doodshoofdapen zijn kleine apen die leven in de bomen van het Zuid-Amerikaanse regenwoud. In de bomen, maar ook op de grond zijn ze de hele dag op zoek naar eten. Vruchten maken het grootste deel van hun dieet uit, maar zaden, bloemen en noten horen daar ook bij. Verder zijn apen nog dol op insecten en andere kleine dieren. Vliegjes, wespen, slakken, hagedissen, kikkers en kleine vogeltjes zijn voorbeelden van dieren waar de Doodshoofdaapjes achteraan gaan.[5] Een groot deel van het water dat deze apen nodig hebben, komt uit het voedsel wat ze eten. Ze vullen dit nog aan met water dat ze drinken uit meertjes en plassen.[6]

In dierentuinen wordt het dieet nog uitgebreid met ‘apenbrokken', of ‘apenbrood'. Dit is een aanvulling van mineralen en vitamines, zodat ze alles krijgen wat nodig is om gezond te blijven. Om deze brokken voor de apen lekker te maken, zit er een fruitsmaakje aan.[7]

Groepen en paren

Doodshoofdapen leven in grote sociale groepen. Deze groepen variëren in grootte tussen de 20 en de 200 dieren. Door de grootte van de groep, is het er ook heel veilig. Hoe meer dieren er zijn, hoe groter de kans is dat er een gevaar opmerkt. Doodshoofdaapjes vallen namelijk vaak ter prooi aan roofvogels, pythons, en katachtige roofdieren. Ook de mens is door houtkap een bedreiging voor het leefgebied van de dieren. Als een van de apen gevaar ziet, waarschuwt hij de rest van de groep. Daardoor kunnen ze een veilige plek opzoeken, en vallen er minder dieren ter prooi. Hoe groter de groep, hoe veiliger de dieren dus eigenlijk zijn.[8]

De groepen bestaan voornamelijk uit vrouwtjes, die ook de baas zijn in de groep. De mannetjes hebben in de groep helemaal niets te zeggen, behalve in de paartijd. Zelfs pasgeboren baby's staan hoger in rang. Het paarseizoen van de doodshoofdapen valt in de wintermaanden: november, december en januari. Voor deze periode gaan de mannetjes onder invloed van hormonen vet opslaan tussen hun spierweefsel. Ook gaan ze andere geuren afscheiden, wat heel aantrekkelijk is voor de vrouwtjes. De mannetjes krijgen in die tijd meer te zeggen in de groep, en mogen met de vrouwtjes gaan paren. Na die drie maanden nemen de mannetjes weer af in gewicht, en daarmee daalt hun invloed in de groep ook.[9]

Zwangerschap en baby's Omdat er één paarseizoen in het jaar is, worden alle baby aapjes ook in één periode geboren. Deze geboortegolf is ongeveer in juni en juli. Na een draagtijd van 150 tot 170 dagen, bevallen de vrouwtjes van één baby. Bij hoge uitzondering wordt er een tweeling geboren: ongeveer 1 op 400. Dan is er ook een grote kans dat een van de tweeling (of allebei) doodgeboren zijn.[10]

De reden hiervoor, ligt vooral in het gewicht van de baby. Een pasgeboren doodshoofdaapje weegt namelijk 100 gram. Dat lijkt natuurlijk helemaal niet zwaar, maar dat is het wel in vergelijking met het gewicht van de moeder. Die weegt namelijk gemiddeld 700 gram. In verhouding is een baby dus erg zwaar, en dat zorgt voor riskante bevallingen.[11][12] In gevangenschap moet er dus goed gelet worden op de hoeveelheid suiker die de apen binnenkrijgen. In de zwangerschapsperiode gaan alle apen op een zwangerschapsdieet. Ze krijgen dan bijvoorbeeld geen banaan, waar erg veel suiker in zit. Als ze dit wel zouden krijgen, zouden de baby's te hard groeien. Dat zou de bevalling nog moeilijker maken.[13]

Als de baby eenmaal gezond en wel geboren is, klimmen ze meteen op de rug van de moeder, en grijpen zich daar vast. Dat vastgrijpen is van levensbelang, want de moeder klimt meteen weer de bomen in. Als de baby zich dus niet vastgrijpt, kan hij van grote hoogte vallen.

De eerste paar weken van het leven van de baby, slaapt hij voor het grootste gedeelte. Zo nu en dan kruipt hij even naar de moeders buik om wat te drinken.

Na 2 à 3 maanden, gaat de baby al een beetje op stap. Onder toeziend oog van de moeder gaat hij rondlopen en al een beetje klimmen. Tijdens deze periode gaat het aapje ook voor het eerst vast voedsel eten. Dat doet hij door zijn moeder “na te apen”. Na 10 maanden is een doodshoofdapen baby gespeend; hij krijgt dan geen moedermelk meer. Twee maanden daarna, na één jaar, is de baby compleet onafhankelijk; het is dan een pubertje.

“Moederen” is geen instinct, maar aangeleerd gedrag. Behalve dat moeders al een voorbeeld geven aan toekomstige moeders, krijgen ze ook al wat ervaring door het verzorgen van andermans baby's.

Leden van de groep, meestal zusjes of vriendinnen van de moeder, proberen om de baby bij hen op de rug te krijgen. Dat is dus erg belangrijke praktische ervaring voor ze.

Het leerproces

Er zijn verschillende manieren waarop apen bepaalde dingen leren. Natuurlijk is er het “na-apen”. Dan zien apen hoe anderen dingen doen, en vervolgens gaan ze dat zelf ook proberen.

Daarnaast is er ook nog het “trial and error”. Door middel van fouten en tegenslagen doen ze nuttige ervaring op binnen de groep. Ze leren de regels kennen en ze leren zich er ook aan houden.

Ook het spelen is bij de jonge dieren een goede manier om de regels en de omgang onder de knie te krijgen. Ze leren al vroeg de omgang met de leeftijdsgenoten. Ze passen zich aan aan de groep, en vormen hun persoonlijkheid. Elke aap is namelijk anders, niet alleen qua uiterlijk, maar ook qua karakter. [14]

Gedrag in Apenheul

De doodshoofdapen in Apenheul leven vrij tussen de bezoekers. Ze hebben een ruim buitenverblijf wat zo veel mogelijk lijkt op hun natuurlijke omgeving: veel hoge bomen waar ze kunnen klimmen. Verder is er een riviertje dat door het gebied loopt, en het is goed begroeid met gras en struikjes, op de wandelpaden voor de bezoekers na. Er zijn dus veel insecten en andere dieren waar ze op kunnen jagen.

Dat de apen een natuurlijke leefomgeving hebben, wil nog niet zeggen dat ze zich ook compleet natuurlijk gedragen. In het wild krijgen apen natuurlijk niet te maken met vaak een paar duizend bezoekers per dag. Deze groep is daar wel helemaal aan gewend, en ze zijn ook niet echt bang voor de mensen. Ze associëren de mensen met het eten dat ze bij zich hebben. Tot een paar jaar geleden mochten de doodshoofdaapjes gewoon op de mensen komen. Ze leerden precies waar de mensen vaak eten verstopten: jaszakken en vooral buggy's werden grondig onderzocht.

Dit leidde tot veel bijtincidenten, en zieke apen (die menseneten te pakken hadden gekregen). Apenheul wil altijd zorgen voor zo natuurlijk mogelijk gedrag van de apen. Ze hebben de apen er nu dus op getraind dat ze van de mensen af blijven. Dit hebben ze gedaan door ze, elke keer als ze wel op de mensen komen, nat te spuiten met water. De apen hebben een hekel aan water, en zo leren ze het dus snel genoeg af.

De apen weten dus dat ze niet op de mensen mogen komen, maar ze blijven dus nieuwsgierig. Als er even geen personeel in de buurt is, proberen ze alsnog om op de mensen te komen.

Wat dat betreft vertonen de apen in Apenheul iets minder natuurlijk gedrag dan ze in het wild zouden doen. Aan de andere kant, zijn ze daardoor waarschijnlijk wel meer te vinden op de grond, waardoor het observeren voor mij makkelijker wordt.[15]

De groep in Apenheul

Apenheul heeft de grootste groep doodshoofdapen van alle dierentuinen in de wereld. De groep bestaat uit ongeveer 150 dieren. Van deze dieren, zijn er drie fokmannetjes. De rest zijn allemaal vrouwtjes en onvolwassen dieren. Net als in het wild, blijven bij Apenheul de vrouwtjes in de groep als ze geslachtsrijp worden. De nieuwgeboren mannetjes daarentegen, verhuizen tegen die tijd naar een andere dierentuin. In sommige dierentuinen zijn er vrijgezelle mannengroepen, zodat er geen overschot aan mannetjesapen voorkomt. De drie fokmannetjes worden meestal om de drie jaar gewisseld met die van andere dierentuinen. Hiervoor wordt heel nauwkeurig de bloedlijnen van alle dieren bijgehouden, zodat je niet na een aantal jaar dezelfde fokmannetjes terug krijgt. Dit is allemaal om inteelt te voorkomen.

Bij Apenheul gaat het dus net als in de natuur: vrouwtjes blijven in de groep, en mannetjes vertrekken als ze geslachtsrijp worden.[16]

Zoals normaal is, is de apengroep van Apenheul verdeeld in subgroepen. In totaal zijn er 3 subgroepen in de Apenheulgroep. Deze groepen verschillen onderling in rang. Welke groep de hoogste rang heeft, en hoe je dat kunt zien, weet ik nog niet. Dit is ook een deel van mijn onderzoek.

De subgroepen bestaan allemaal weer uit een aantal familiegroepen. Deze groep bestaat uit een vrouwtje met haar zussen en hun nakomelingen en eventueel nog vriendinnen. Deze familiegroepen slapen en rusten altijd dicht bij elkaar (naast elkaar) in hun typische rusthouding.

De mannetjes leven, zoals dat in het wild ook zo is, in de periferie van de groep, en hebben niets in te brengen.[17]

Bronnenlijst Doodshoofdapen:

http://pin.primate.wisc.edu/factsheets/entry/squirrel_monkey http://pin.primate.wisc.edu/factsheets/entry/squirrel_monkey/behav

http://www.theprimata.com/saimiri_boliviensis.html

http://www.perthzoo.wa.gov.au/Animals--Plants/South-America/Lesser-Primates/Bolivian-Squirrel-Monkey/

http://animaldiversity.ummz.umich.edu/site/accounts/information/Saimiri_boliviensis.html

http://www.associatedcontent.com/article/1980944/the_bolivian_squirrel_monkey_facts.html

http://www.gaiapark.nl/index.php?id=40

www.nvdzoos.nl/data/Spreekbeurt/doodshoofdaapjes.doc

http://www.museumkennis.nl/nnm.dossiers/museumkennis/i005050.html

http://www.zooschool.ecsd.net/squirrel%20monkey.htm

http://www.buzzle.com/articles/squirrel-monkey-facts.html

http://www.apenheul.nl/

http://www.monkeyland.co.za/content.php?id=24&op=view

http://gallery.zoom.nl/foto/1113063/dieren/doodshoofdaapje.html http://www.gymnasiumhilversum.nl/scripts/getfile.php?id=22520

Drs. Constanze Melicharek & Dr. Leobert E.M. De Boer: De wereld van APENheul

Jan Vermeer: Doodshoofdaapjes biologie en verzorging

Rachel Janssen: Expeditie Saimiri verhaallijn en personages

Apenheul: werkbladen en opdrachten gedragsonderzoek + uitwerkingen

Apenheul: informatie borden

Apenheul: Expeditie Saimiri paspoort

[1] Apenheul: Expeditie Saimiri paspoort

[2] http://www.perthzoo.wa.gov.au/Animals--Plants/South-America/Lesser-Primates/Bolivian- Squirrel-Monkey/

[3] www.nvdzoos.nl/data/Spreekbeurt/doodshoofdaapjes.doc

[4] Rachel Janssen: Expeditie Saimiri verhaallijn en personages

[5] www.nvdzoos.nl/data/Spreekbeurt/doodshoofdaapjes.doc

[6] http://www.theprimata.com/saimiri_boliviensis.html

[7] http://www.apenheul.nl/index.cfm?pid=90

[8] http://www.monkeyland.co.za/content.php?id=24&op=view

[9] Rachel Janssen: Expeditie Saimiri verhaallijn en personages pag. 4

[10] http://www.monkeyland.co.za/content.php?id=24&op=view

[11] Rachel Janssen: Expeditie Saimiri verhaallijn en personages pag. 4

[12] Apenheul: informatie borden (Kleine apen, grote baby's)

[13] Drs. Constanze Melicharek & Dr. Leobert E.M. De Boer: De wereld van APENheul pag. 42

[14] Rachel Janssen: Expeditie Saimiri verhaallijn en personages pag. 4

[15] http://www.apenheul.nl/

[16] www.nvdzoos.nl/data/Spreekbeurt/doodshoofdaapjes.doc

[17] Rachel Janssen: Expeditie Saimiri verhaallijn en personages pag. 3

Please be aware that the free essay that you were just reading was not written by us. This essay, and all of the others available to view on the website, were provided to us by students in exchange for services that we offer. This relationship helps our students to get an even better deal while also contributing to the biggest free essay resource in the UK!