China is langzamerhand

Voorwoord

China wordt tegenwoordig door veel landen als een bedreiging gezien. Ooit werd het nog de 'slapende reus' genoemd, maar China is langzamerhand een steeds grotere rol gaan spelen in de wereldeconomie. Hoe heeft dit kunnen gebeuren, en wat zal de toekomst brengen?

Wij hebben gekozen voor de hoofdvraag;

Wordt China d economische wereldmacht van de 21e eeuw?

De hoofdvraag beantwoorden we met deelvragen over China van vroeger, hedendaags en de toekomst.

Hoe heeft China haar economische stand bereikt?

Hoofdstuk 1. Hoe heeft China haar economische positie bereikt?

China heeft de afgelopen jaren een enorme economische ontwikkeling doorgemaakt en het kan zijn dat China d economische grootmacht van de 20e eeuw wordt. Om te voorspellen of dit daadwerkelijk zo zal zijn, moet eerst de huidige groei geanalyseerd worden. Een aantal belangrijke gegevens zijn dan belangrijk om te weten. Wat is de geschiedenis van China voorafgaand aan de enorme groei van de economische ontwikkeling? Hoe heeft de politiek zich ontwikkeld? En door welke factoren heeft de Chinese economie zich de laatste jaren zo kunnen ontwikkelen? Waarom wordt de economische groei van China ook wel uniek genoemd?

Communisme

In 1949 wordt Mao Zedong de communistische leider van China, nadat de burgeroorlog tussen de nationalisten en communisten over was. Hij beloofde vrijheid van meninguiting en gelijke rechten voor iedereen aan het volk.Mao's beleid werd het maosme genoemd, wat een variant was van het stalinisme. Het stalinisme is weer gebaseerd op het communisme.

Vanaf 1953 kwamen er de eerste vijfjarenplan, en in de eerste periode groeide de economoe met zo'n 8.3% per jaar. Na vijf jaar kwam Mao met De Grote Sprong Voorwaarts. Hij wilde met enkele sprongen China modern, zelfvoorzienend en gecollectiviseerd maken met als doel op het zelfde economische niveau als het westen te komen. Dit ging echter helemaal mis, omdat de boeren staal moesten produceren uit ijzererts wat er niet was. Jaren ging het slecht en rond 1965 lag de landbouw stil en heerste hongersnood.

In 1976 overleed Mao Zedong. Er kwam een nieuw beleid waarbij gezondheidszorg, onderwijs en de positie van vrouwen werd verbeterd. Ook ging de levensverwachting omhoog, werd een Chinees in 1949 nog 35, werd hij nu 70. Daarnaast werd een jaarlijkse groei van 4,5% bereikt.

De grote hervormingen

In 1978 kwam opvolger Deng Xiaoping aan de macht. Hij introduceerde vier moderniseringen; industrie, landbouw, leger en wetenschap. Het communisme werd dus gecombineerd met westerse ideen. De eerste fase van de modernisering kwam in 1979 en had het doel de grenzen met andere landen te openen. Er werden vier Special Economische Zones opgericht. De SEZ is een plek waar China buitenlandse handel toelaat. Het werd een succes en in 1984 werden veertien nieuwe plekken opgericht: open steden. In vergelijking met de SEZ's waren er daar beperkte mogelijkheden. Omdat Chinese bedrijven door buitenlandse investeringen voor nieuwe banen zorgde, kwamen er nog vele nieuwe economische zones bij.

De keuze van deze locaties in het oosten, heeft nu grote gevolgen voor de economische ontwikkeling van China, zoals later in dit werkstuk duidelijk wordt.

Vanaf medio jaren negentig lag de nadruk op de hervorming van de industrie. Naast zware industrie kwam er nu ook meer aandacht voor lichtere industrien. Hiervoor waren andere machines en kennis nodig die uit het Westen en Japan kwamen. Dit stimuleerde weer contacten tussen China en de rest van de wereld. Daarnaast kwam er modernisering in het sociale zekerheidssysteem en de banksector. Er kwam een banksysteem waarbij leningen werden toegekend op basis van winst en verlies.

Sinds 1993, toen Deng werd opgevolgd door Jiang Zemin, streeft China officieel een socialistische markteconomie na. De Chinese autoriteiten verstaan hieronder: "Een markteconomie die door vraag en aanbod in grote lijnen zelf bepaalt hoe en waar de schaarse middelen als arbeid, kapitaal en grond optimaal ingezet zullen worden. De markteconomie moest worden bereikt door aanhoudende hervormingen, moderniseringen en het openstellen van een nieuw beleid. Bij het laatste gaat het om het aantrekken van meer buitenlandse investeringen.

De investeringen in China namen gemiddeld met 23,3% per jaar toe nadat Deng aan de macht kwam. In 1989 namen ze echter met 7,2% af door hevige demonstraties. Dit is weer hersteld en in 1993 (toen Jiang Zemin aan de macht kwam) namen de inversteringen zelfs met 61,8% toe.

In 2003 werd Hu Jintao president en Wen Jiabao premier. Hu heeft veel succes geboekt in vele politieke beslissingen. Het beleid van Deng, Jiang en Hu heeft zeker gewerkt. In de afgelopen jaren is de economische groei namelijk gemiddeld met 9% per jaar geweest.

China en de economische groei

Toen Deng Xiaoping aan de macht kwam, werd een economisch liberalisatiepolitiek ingevoerd. Het heeft gezorgd voor de hedendaagse grootschalige economische ontwikkeling van China. In onderstaande grafiek staat de GDP van China. Dit staat voor Gross Domestic Product wat in het Nederlands bruto binnenlands product of bbp betekend. Het is een totaal van de bruto toegevoegde waarde min de inflatie van alle bedrijven. Zoals te zien valt is het in 2004 ten opzichte van 2000 al verdubbeld.

Na de dood van voormalig president Mao Zedong in 1978 stond er een nieuwe leider op, Deng Xiaoping. Hij was de persoon die de beginselen legde voor de huidige Chinese economie. Zijn economische liberalisatiepolitiek heeft gezorgd voor de huidige grootschalige economische ontwikkeling van China. In onderstaande grafiek kun je zien hoe het GDP in China zich tijdens verschillende veranderingen en gebeurtenissen heeft ontwikkeld. Het GDP, ofwel ' Gross Domestic Product', wordt in Nederland het (nominaal) bruto binnenlands product (bbp) genoemd. Dit is de som van de bruto toegevoegde waarde van alle bedrijven in een Economie en daarbij gecorrigeerd door de inflatie. In 2004 was het bbp ten opzichte van het bbp in het jaar 2000 al verdubbeld.

In 2001 werd China officieel lid van de WTO (Wereld Handels Organisatie). Als je lid bent zal je officieel moeten integreren in de wereldeconomie, zo ook bij China. De Chinese handelswetgeving werd transparanter en in het Engels geschreven. Er waren geen handelshindernissen meer en binnenlandse en buitenlandse bedrijven kregen dezelfde rechten. China kon makkelijke goederen naar het buitenland exporteren en andersom werd het aantrekkelijk om in China je bedrijf te vestigen. Zoals ook in de bovenstaande grafiek te zien, is het bbp sinds 2001 (nog meer) toegenomen.

China werd door veel bedrijven de laatste jaren gezien als belangrijke vestigingsplaats. Dit komt door de mogelijkheden van China. Ten eerste staat China bekend om haar lage lonen, in vergelijking met de Westerse landen extreem laag. Ten tweede zijn er goede transportmogelijkheden, 6 van de 10 top havensteden liggen in China. Daarnaast is het achterland goed met die steden verbonden. Daarnaast heeft China een hoop inwoners die zelf ook kopen bij de investerende bedrijven.

Bedrijven hebben zich nooit zorgen hoeven te maken over arbeid. China is zo groot dat de arbeidskrachten maar niet op lijken te raken. Daarnaast zijn er tegenwoordig goed opgeleiden Chinezen. Er is bekend dat de Chinese economische groei ook is gebaseerd op gebruik van meer arbeid, scholing en kapitaal en niet op het gebruik van slimmere productiemethoden.

De laatste jaren is er ook een middenklasse ontstaan. Deze Chinezen zijn van arme boeren uitgegroeid tot 'rijke' mensen. Deze klasse zorgen door middel van luxe producten, Westerse opleidingen en internationale reizen weer voor buitenlandse investeringen. Ook zijn er steeds meer Chinezen die een eigen bedrijfje op hebben gezet. Deze gaan vaak samen met Westerse ondernemingen. De Westerse bedrijven profiteren van de Chinese marktkennis en de Chinese bedrijven profiteren van (technische) kennis.

China heeft ook de laatste jaren een andere indeling gekregen in de verdeling van leeftijdscategorien. Zo is een groot deel van de bevolking tussen de 15 en 65 jaar. Daarnaast volgen steeds meer Chinezen scholing en is het kindertal gedaald. Hierdoor kwamen meer vrouwen aan het werk. De Chinezen hebben ook een sterk nationalistisch gevoel. Na Mao waren Chinezen bereid hun land zo te houden (zonder Mao) en wilden werken voor hun land. Ze accepteerden daarom lage lonen en slechte arbeidsomstandigheden. Omdat ook iedereen ongeveer gelijk was, kon men hard werken hogerop komen, wat ook weer meer stimuleerde.

China investeert volop in Research and Development (R&D) en dit heeft ook de economie laten groeien. China staat achter Amerika en Japan op nummer 3 van grootste uitgaven aan R&D. Het gaat om een bedrag van 60 miljard euro. Er werken zo'n 750.000 mensen in de sector. 40% van de investeringen komen van de Chinese overheid en de andere 60% is afkomstig van bedrijven, met name buitenlandse. Dit komt omdat buitenlandse bedrijven meer ontwikkeld zijn. Nog een aantal cijfers: in 2000 was er 11.13 miljard dollar genvesteerd en in 2005 29.4 miljard dollar. Buitenlandse onderzoeken in China zijn hier nog niet meegeteld. Dus hierdoor blijft China vele landen ver voor.

Sinds 1978 is de export van China enorm toegenomen. In 1978 bedroeg de export zo'n 20 miljard dollar en stond China 32e op de ranglijst. Echter is vanaf toen tot 2004 de export per jaar gemiddeld met 30% toegenomen waardoor China in 2004 een export had van 600 miljard dollar. Hierbij ging China Japan voor bij en kwam hierdoor op de 2e plek op de ranglijst van grootste exportlanden. Het gaat bij de export in China vaak om eindproducten, geen grondstoffen. Echter verwerkt China ook nog grondstoffen waardoor je kunt zien de productie in China enorm is. De grootste exportsector in China is de textielindustrie.

China is uniek

Tot 1978 was China een gesoleerd land. Hier kwam verandering in toen Deng aan de leiding kwam. De economie werd geliberaliseerd en de deuren naar het buitenland werden geopend. Dit zijn eigenlijk de belangrijkste redenen voor de groei over een lange periode. Daarnaast beschikt China over flink wat grondstoffen en enorm veel arbeiders die goedkoop werk leveren. Sinds 1978 is het bbp bijna verachtvoudigd. Meer import heeft geleid tot meer buitenlandse investeringen en meer buitenlandse investeringen hebben geleid tot meer export, wat weer buitenlandse investeringen stimuleert. China is in de laatste jaren steeds meer op een kapitalistisch land gaan lijken.

Please be aware that the free essay that you were just reading was not written by us. This essay, and all of the others available to view on the website, were provided to us by students in exchange for services that we offer. This relationship helps our students to get an even better deal while also contributing to the biggest free essay resource in the UK!