Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften

Parate executie

Parate executie is het recht om goederen van degene die schuld heeft (de schuldenaar) zonder een daaraan voorafgaand rechterlijk vonnis ter executie aan te tasten.

Parate executie wet Mulder (Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften)

Dat betekent concreet als je kijkt naar boetes die naar aanleiding van overtredingen zijn gegeven, dat de Officier van Justitie, zonder tussenkomst van een rechter de betaling van een boete kan afdwingen, desnoods door goederen van de overtreder in beslag te nemen om vervolgens te verkopen en de opbrengst te gebruiken ter betaling van de beschikking (boete).

Als je een overtreding pleegt in het verkeer bijvoorbeeld, dan bega je een zogenaamde Mulderovertreding. De wet heet officieel de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften, maar werd min of meer vernoemd naar G.E. Mulder, hoogleraar strafrecht te Nijmegen. Vandaar Mulderwet.

De boete die je dan bij een dergelijk overtreding van de verkeersvoorschriften krijgt is een bestuurlijke boete. Die boete is een aan de betrokkene opgelegde sanctie, want zo heet de overtreder binnen de wet Mulder.

De Officier van Justitie is dus eigenlijk een bestuursorgaan en heeft ten gevolge daarvan ook het recht van parate executie.

Overtredingen van de verkeervoorschriften, bijvoorbeeld te hard rijden of door een rood verkeerlicht rijden of bumperkleven komen natuurlijk veel voor. Vooral omdat de politie actief is in het opsporen van dit soort overtredingen. Dat voor de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften tot overbelasting bij het Openbaar Ministerie. Maar daarnaast merkte de overtreders dat als ze maar wachten met betalen dat er een kan was dat je er nooit meer iets van hoorde.

In 1989 is vanwege de overbelasting en het hoge aantal seponeringen dit soort overtredingen, uit de Wegenverkeerswet en het Reglement verkeersregels en verkeerstekens, anders af te doen. Er werd een wet ontworpen die het mogelijk maakte deze overtredingen administratiefrechtelijk af te handelen. Dit geldt voor alle boetes(verkeer) tot een bedrag van maximaal 340,- .

Dat administratief afhandelen heeft als voordeel voor de overheid dat het Wetboek van Strafrecht en het Wetboek van Strafvordering niet meer van toepassing is, maar een andere wet geldt; de Algemene wet bestuursrecht.

Bij een overtreding (een strafbare gedraging in strijd met een verkeersvoorschrift) kan de politie bij beschikking een administratieve sanctie opleggen. Die beschikking bestaat uit een geldbedrag. Bijvoorbeeld een sanctie van 160,- voor het rijden door een rood verkeerslicht.

Die moet gewoon betaald worden als de acceptgiro van het Centraal Justitieel Incasso Bureau te Leeuwarden op de mat valt.

Die sanctie heet een beschikking, dat is een bestuursrechtelijke term.

De Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften is namelijk bestuursrecht, vandaar ook bestuurrechtelijke termen

Tegen de beschikking kan de betrokkene (de overtreder) bezwaar maken.

Hij moet dan beroep aan tekenen bij de Officier van Justitie. Dat bezwaar heeft een opschortende werking. Dat betekent dat alles even stil staat, dus ook de verhogingen die volgen als je niet op tijd zou betalen.

Als je niet betaald volgen er verhogingen van de boete. Als dat niet helpt worden er via een deurwaarder executiemaatregelen getroffen.

Dat kan uitsluitend op bevel van de Officier van Justitie.

Die executiemaatregelen kunnen bestaan uit:

  • een dwangbevel om het verschuldigde bedrag binnen twee dagen te voldoen.
  • opgave te doen van de bronnen van inkomsten ingevolge artikel 475g, eerste lid van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
  • een herhaald bevel tot betaling en tenslotte executoriaal beslag op de roerende zaken

Dan kan er beslag worden gelegd en verhaal worden gehaald op salaris, maar ook een uitkering. Het is zelfs mogelijk dat een bankrekening wordt geblokkeerd of gedebiteerd. Er wordt dus verhaal gehaald door de overheid.

Dat beslag leen op rekeningen, salaris of uitkering kan overigens geschieden zonder dwangbevel. Er moet dan wel een kennisgeving worden uitgereikt aan de betrokkene (overtreder), onder wie verhaal wordt gehaald.

Ook tegen deze vormen van verhaal is bezwaar mogelijk bij de kantonrechter.

Rechtsmiddelen

Als iemand die een boete heeft gekregen het daar niet mee eens is en van mening is dat die boete onterecht hem of haar wordt opgelegd, kan hij/zij bezwaar aantekenen bij de Officier van Justitie.

Dat bezwaar wordt bekeken door de Officier van Justitie en die kan het bezwaar gegrond verklaren of afwijzen.

Als de Officier van Justitie het bezwaar afwijst dan kan de betrokkene naar de kantonrechter van de rechtbank gaan.

De kantonrechter neemt het bezwaar in behandeling. Maar dat doet de kantonrechter pas als de boete is voldaan. Dat is een zekerheidstelling.

Als de kantonrechter de overtreder in het gelijk stelt dan krijgt de overtreder zijn of haar reeds betaalde boete weer teruggestort.

Als de kantonrechter de overtreder in het ongelijk stelt dan kan overtreder in hoger beroep tegen die beslissing, bij het Gerechtshof.

Naast executiemaatregelen kan de Officier van Justitie dwangmiddelen toepassen als blijkt dat verhaal niet mogelijk is.

  • De Officier van Justitie kan:
  • Het voertuig, bijvoorbeeld een auto, buitengebruik stellen. Die auto gaat achter het hek, zoals dat genoemd wordt. De eigenaar kan er dus tijdelijk niet over beschikken, totdat hij betaald heeft.
  • Het rijbewijs innemen.
  • Gijzeling van betrokkene. Dan wordt de betrokkene (overtreder) gewoon vastgezet in een Huis van Bewaring.

Voor gijzeling heeft de Officier van Justitie wel vooraf toestemming nodig van de kantonrechter.

De Wet Mulder is in meer dan een opzicht bijzonder. Hij combineert eigenlijk meerdere wetten. Aan de ene kant strafrecht als we kijken nar de betrokkenheid van de Officier van Justitie en aan de andere kant de Algemene wet Bestuursrecht, het bestuursrechtelijke karakter vanwege de naam van de wet; de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften en bestuurrechtelijke termen zoals: betrokkene, beschikking, sanctie, bezwaar en zekerheidsstelling.

In feite treedt de Officier van Justitie op als bestuursorgaan.

Maar er is nog iets heel anders aan de hand. Binnen Strafrecht is de betrokkene de verdachte en de verdachte hoeft op geen enkele wijze mee te werken aan zijn eigen veroordeling. Maar al betrokken is hij of zij wel verplicht zijn of haar volledige personalia op te geven.

Krachtens artikel 3 van de wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften moet degene die op basis van de wet staande wordt gehouden zijn volledige personalia juist opgeven.

Het opmerkelijk hieraan is dat het niet opgeven van personalia op grond van artikel 34 de wet; de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (WAHV) een strafbaar feit is, waarna de betrokkene verdachte wordt en wel conform Strafrecht.

Vervolgens dient de verdachte de cautie te krijgen (artikel 29 WvSr).

De verdachte moet worden gewezen op het feit dat hij/zij niet tot antwoorden verplicht is. Dat betekent dat de verdachte nu niet meer verplicht is zijn volledige personalia op te geven.

Please be aware that the free essay that you were just reading was not written by us. This essay, and all of the others available to view on the website, were provided to us by students in exchange for services that we offer. This relationship helps our students to get an even better deal while also contributing to the biggest free essay resource in the UK!