Feminisme voor invloed gehad in Nederland

Mijn onderwerp van dit werkstuk is het feminisme. Ik heb voor dit onderwerp gekozen omdat ik denk dat het belangrijk is geweest voor de huidige positie van de vrouw. Mijn hoofdvraag is: 'Wat heeft het feminisme voor invloed gehad in Nederland?'

Ik denk dat het wel een goede vraag is omdat je zo te weten komt wat het feminisme precies voor invloed heeft gehad in Nederland. En ik heb wel al best veel over het feminisme gehoord maar ik heb me er eigenlijk nog nooit echt in verdiept, dus ik vond het ook wel interessant om er wat meer over te weten komen. Door deze vraag te beantwoorden hoop ik er ook achter te komen, of het ook invloed heeft op de huidige positie van de vrouw en of er zonder het feminisme hetzelfde was gebeurd met de vrouwen in Nederland. Mijn deelvragen zijn:

  • 'Wat is het feminisme?'
  • 'Wat was de positie van de vrouw in de 19e eeuw?'
  • 'Wat is er bereikt door de eerste feministische golf?'
  • 'Wat is er bereikt door de tweede feministische golf?'

Ik denk dat ik met deze deelvragen genoeg te weten kan komen over de hoofdvraag.

In dit werkstuk komen dus de hoofdvraag en deelvragen voor. Ik ga proberen om de deelvragen zo goed mogelijk te beantwoorden, en er hopelijk zoveel mogelijke goede informatie over te vinden.

Het feminisme is een ander woord voor vrouwenbeweging. Het woord feminisme komt van het latijnse woord femina, wat vrouw betekend. Rond 1800 werd het begrip feminsme voor het eerst gebruikt door Hubertine Auclert, een kiesrechtstrijdster. Rond de 18e eeuw begonnen vrouwen anders over vrijheid, gelijkwaardigheid en het individu te denken. De eerste feministen waren vaak liberalen, ze vonden de vrijheid van de mens erg belangrijk.

De feministen kwamen dus op voor vrouwenbelangen, ze wilden de huidige positie van de vrouwen verbeteren. En zorgen voor gelijkheid tussen de man en de vrouw. Ze streven de emancipatie van de vrouw na.

Conclusie:

Het feminisme is dus een vrouwenbeweging die opkomt voor de belangen van de vrouw. Ze willen gelijkheid, vrijheid en ze begonnen aan het individu te denken. Vrouwen willen gelijk worden behandeld met de man en niet worden achtergesteld.

Vrouwen hadden in deze tijd weinig rechten. Vrouwen hadden in de 19e eeuw geen belangrijke plaats in de samenleving. Ze hadden niks te zeggen in het bestuur. Vrouwen werden in die tijd niet gezien als mensen, maar als objecten. Vrouwen waren er om kinderen ter wereld te brengen, en verder moesten ze aan de man gehoorzamen. Zonder hem hadden ze namelijk geen "goed" leven.

In arbeidsgezinnen werkte iedereen. In die gezinnen werden vrouwen gedwongen om te werken, omdat er anders niet voldoende geld was voor voedsel en anders belangrijke levensmiddelen. Het was volgens een aantal normen verboden, dat vrouwen uit betere standen zouden werken. Door dit verbod waren onghuwde vrouwen voor een groot deel afhankelijk van hun familie. Voor een gehuwde vrouw was het onacceptabel als ze zou werken. De man had als taak om zijn vrouw van voedsel en andere belangrijke behoeften te voorzien. De opvoeding van de dochters in deze gezinnen was vooral gericht op het latere moederschap en het huishouden. Het was voor vrouwen belangrijk dat ze een goede man zouden ontmoeten. Ze was immers voor haar leven afhankelijk van haar man. Dus het moest geen man zijn die beneden je stand was.

Vrouwen hadden niets te zeggen over inkomen en bezit. Ze mochten zelfs niet over de opvoedingen van hun kinderen zeggen, ook hadden de vrouwen geen politieke rechten.

Ook waren de basisopleidingen van meisjes slechter dan die van jongens. Meisjes zouden later toch huisvrouw worden, en daar hadden ze toch geen opleiding voor nodig. De jongens daarentegen konden na hun basisopleiding, nog naar een vervolgopleiding gaan. Terwijl de meisjes dit niet hadden. In deze tijd twijfelde de mensen eraan of de meisjes wel genoeg verstand hadden om na de universiteit te gaan. Dit veranderde toen Aletta Jacos in 1871 als eerste vrouw na de universiteit ging. En als vrouwen dan al hun vervolopleiding hadden afgerond, was het lastig om werk te vinden, terwijl de mannen genoeg keuze hadden. De enige mogelijkheid die er eigenlijk was, was om fabriekswerk te gaan doen. Maar deze banen werden vaak slecht betaald, en het was erg slecht voor de gezondheid van de vrouw. Ze moesten vaak hele dagen werken, en de lucht in deze fabriek was ongezond. Ze werden om n klein foutje al ontslagen ook konden ze een boete krijgen als ze met elkaar stonden te praten of te lang op de wc zaten.

Qua bestuur hadden de vrouwen al helemaal niets te zeggen. Je zag soms wel vrouwen afgebeeld staan die een hogere functie hadden, maar dat waren dan vaak de bazen van ziekenhuizen of weeshuizen. De mannen daarentegen hadden wel invloed in het bestuur. Zij mochten stemmen en konden zich verkiesbaar stellen.

Conclusie:

De vrouwen in de 19e eeuw hadden een niet al te best leven. Ze mochten niet naar een vervolgopleiding gaan, hadden geen invloed in het bestuur. En waren veelal afhankelijk van hun mannen, thuis hadden ze ook niets te zeggen. De positie van de vrouw was dus niet al te hoog/best.

De eerste feministische golf begon in Nederland rond 1870 en duurde tot ongeveer 1920 Deze actie was de eerste keer dat vrouwen echt op kwamen voor hun zelf, ze deden dit op basis van hun geslacht. Het eerste doel van de eerste feministische golf was de vervolgopleidingen (onderwijs) van de vrouwen, vrouwen hadden geen recht op vervolgopleidingen hier waren ze het niet mee eens en gingen actie voeren. Door deze acties werden de eerste scholen opgericht, waar vrouwen een onderwijzeressenopleidingen konden volgen. Ook konden vrouwen door deze actie voortaan naar de universiteit, voorheen mochten alleen mannen dit.

Tegen het einde van de 19de eeuw richten vrouwen steeds meer feministische verenigingen op, vrouwen wilden een mooiere/betere toekomst met arbeidsmogelijkheiden. De vrouwen vonden het ook niet eerlijk dat mannen wel seks met andere vrouw mochten hebben, terwijl de vrouwen zich moesten gedragen (vrouwen moesten zich 'kuis' gedragen.)

Maar een van de belangrijkste doelen van de eerste feministische golf was het vrouwenkiesrecht (politieke inspraak). Na 1890 onstond er een echte strijd om het vrouwenkiesrecht. Vrouwen mochten niet stemmen, en konden zich ook niet verkiesbaar stellen. Mannen konden dit beide wel. De redenen waarom vrouwen niet mochten stemmen was omdat ze volgens de mannen niet riel genoeg waren. In Nederland was Aletta Jacobs de eerste die zich fanatiek inzette voor het vrouwenkiesrecht. Ze voerden velen acties. In 1917 hadden de vrouwen hun eerste doel bereikt; ze hadden passief kiesrecht. Dat wil zeggen dat vrouwen zich verkiesbaar mochten stellen. En in 1919 werd hun tweede doel bereikt; het actief kiesrecht. Vrouwen mochten nu ook hun stem uitbrengen bij verkiezingen.

Belangrijke data uit de Eerste Feministische Golf.

1889: Oprichting van de Vrije Vrouwen Vereeniging (VVV). Dit was de eerste organisatie die in actie kwam tegen de ondergeschikte positie van vrouwen. Oprichter was Wilhelmina Drucker. Lidmaatschap stond alleen voor vrouwen open. De VVV profileerde zich door het schrijven van brieven aan de Tweede Kamer, het houden van spreekbeurten en het uitgeven van brochures.

1894: Oprichting van De Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (VvVK). Oprichters waren Wilhelmina Drucker en Aletta Jacobs (zie foto). Hoofddoel was het strijden voor vrouwenkiesrecht. Later kwam er een scheuring in de VvVK en ontstond de Nederlandse Bond voor Vrouwenkiesrecht. Deze meer gematigde feminstes wilden zich niet alleen richten op vrouwenkiesrecht, maar wilden vrouwen ook 'opvoeden' om hen voor te bereiden op het kiesrecht. Een derde organisatie was de in 1908 door Mathilde Wibaut opgerichte Nederlandse Bond van Sociaal-Democratische Vrouwenclubs, die in tegenstelling tot de VvVK voorstander was voor algemeen kiesrecht voor vrouwen. De VvVK wilde censuskiesrecht, waarbij kiesrecht afhankelijk werd gesteld van de 'kentekenen van geschiktheid en maatschappelijke welstand'. Pas in 1913 veranderde de VvVK haar doelstelling in algemeen kiesrecht en in 1916 liepen de SDVC-vrouwen en de VvVK-vrouwen samen in een deemonstratie voor vrouwenkiesrecht.

1898: Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid in Den Haag. Deze tentoonstelling, georganiseerd door verschillende vrouwenorganisaties, bracht vrouwenarbeid voor het eerst in de geschiedenis onder de publieke aandacht. Te zien was welk werk vrouwen zoal verrichtten. Daarnaast wilde men aandacht vragen voor betere arbeidsomstandigheden voor vrouwen, en de belangstelling voor vrouwenarbeid verhogen.

1917: vrouwen krijgen passief kiesrecht en mochten zich dus verkiesbaar stellen.

1918: kwam als eerste vrouw Suze Groeneweg (SDAP) in de Tweede Kamer. Bij de gemeenteraadsverkiezingen kwamen er honderd vrouwen in de verschillende gemeenteraden, ongeveer een procent van alle leden.

1919: vrouwen krijgen actief kiesrecht. Op 18 september tekent Koningin Wilhelmina een wet die vrouwen het volledige kiesrecht geeft. Bij de eerste verkiezingen daarna, in 1922: kwamen zeven vrouwen in de Tweede Kamer.

De schuingedrukte tekst is gehaald van:

Conclusie:

Bij de eerste feministische golf kwamen de vrouwen eindelijk voor zichzelf op. Een aantal doelen bij de eerste feministische golf waren: vervolopleidingen waar vrouwen geen recht op hadden, en mannen wel. Ook wilden vrouwen het kiesrecht, mannen hadden wel het actief en passief kiesrecht. Dit hebben de vrouwen ook bereikt, in 1917 hadden vrouwen het passief kiesrecht, en in 1919 hadden vrouwen het actief kiesrecht.

Het begin van de tweede feministische golf, was toen de Nederlandse vertaling van het boek 'De tweede sekse' van Simone de Beauvoir uitkwam (1908-1986). De tweede feministische golf begon in de jaren zestig en eindige rond 1987.

De doelen van de tweede feministische golf zijn deels het zelfde als die van de eerste, zoals politiek, arbeid en onderwijs. De vrouwen vonden dat erop deze gebieden onvoldoende was bereikt. Er was nog steeds maar een klein deel van de vrouwen die een baan hadden en als vrouwen dan een baan hadden kregen ze minder betaald dan de mannen. Mannen kregen vaak ook eerder een baan toegewezen dan vrouwen, ook al had de vrouw dezelfde opleiding gehad. De gezinnen na de eerste feministische golf waren wel kleiner dan voorheen dat kwam door de anticonceptiemiddelen. Ook konden vrouwen nu makkelijker later kinderen krijgen. Vrouwen hadden voortaan ook minder werk in het huishouden, dat kwam door nieuwe apparaten zoals een wasmachine.

Nieuwe doelen in de tweede feministische golf waren:

  1. Vrouwen wilden dat ze voortaan gelijk met de man behandeld zouden worden. Dat was dus op het gebied van arbeid, maar ook vonden vrouwen dat ze gelijke rechten hadden op onderwijs.
  2. De vrouwen wilden niet alleen huismoeder zijn, maar ze wilden ook graag een baan hebben.
  3. Recht op abortus, vrouwen mochten in die tijd geen abortus laten plegen. Al gebeurde dat soms wel stiekem.. er werd nog geen abortus gepleegd omdat er nog te grote risico's waren.
  4. Vrouw en mannen moeten gelijk zijn in het huwelijk, nu stond er nog in de wet dat de man altijd boven de vrouw zou staan in het huwelijk. Wanneer de vrouw met de man zou trouwen, zou ze beloven dat ze altijd zal gehoorzamen aan haar man. Tot 1956 bleef deze wet gelden. De wet die in 1956 niet werd afgeschaft was dat de man het hoofd van het gezin was. Deze wet werd pas 13 jaar later in 1969 afgeschaft.

Belangrijke gebeurtenissen tweede feministische golf:

20 maart 1975: de wet gelijk loon voor mannen en vrouwen.

1 maart 1980: Wet gelijke behandeling voor mannen en vrouwen. Mannen en vrouwen moesten vanaf nu gelijk worden behandeld. Ze waren voor de wet dus gelijk.

1984: Abortus werd volgens de wet onder bepaalde voorwaarden toegestaan.

Conclusie:

Bij de tweede feministische golf hadden vrouwen voor een deel dezelfde doelen als bij de eerste feministische golf, maar ze hadden natuurlijk ook andere doelen. Vrouwen vonden dat er op een aantal gebieden zoals politiek, arbeid en onderwijs onvoldoende bereikt was en wilden daar dus meer bereiken. Verder werd er bij de tweede feministische golf bereikt dat mannen en vrouwen hetzelfde loon kregen, ze werden gelijk behandeld en abortus werd onder bepaalde voorwaarden toegestaan.

Conclusie over beide golven:

Voor de twee golven hadden vrouwen een niet zo goed leven, ze moesten gehoorzamen aan de man. Hadden geen recht op vervolgopleidingen, kregen minder goed betaald dan mannen enz. Na de twee golven is er een hoop veranderd voor de vrouwen. Ze kregen het passief kiesrecht in 1917 en in 1919 hadden vrouwen ook het actief kiesrecht. Verder hebben de vrouwen door de golven bereikt dat ze gelijk werden behandeld met mannen, dat ze hetzelfde loon kregen als mannen. En dat ook vrouwen voortaan recht hadden op vervolgopleidingen, en ze zelfs naar de universiteit konden gaan als ze dat zouden willen.

'Wat heeft het feminisme voor invloed gehad in Nederland?'

Het feminisme is dus een vrouwenbeweging die opkomt voor de belangen van de vrouw. Ze willen gelijkheid, vrijheid en ze begonnen aan het individu te denken. Vrouwen willen gelijk worden behandeld met de man en niet worden achtergesteld.

De vrouwen in de 19e eeuw hadden een niet al te best leven. Ze mochten niet naar een vervolgopleiding gaan, hadden geen invloed in het bestuur. En waren veelal afhankelijk van hun mannen, thuis hadden ze ook niets te zeggen. De positie van de vrouw was dus niet al te hoog/best.

Bij de eerste feministische golf kwamen de vrouwen eindelijk voor zichzelf op. Een aantal doelen bij de eerste feministische golf waren: vervolopleidingen waar vrouwen geen recht op hadden, en mannen wel. Ook wilden vrouwen het kiesrecht, mannen hadden wel het actief en passief kiesrecht. Dit hebben de vrouwen ook bereikt, in 1917 hadden vrouwen het passief kiesrecht, en in 1919 hadden vrouwen het actief kiesrecht.

Bij de tweede feministische golf hadden vrouwen voor een deel dezelfde doelen als bij de eerste feministische golf, maar ze hadden natuurlijk ook andere doelen. Vrouwen vonden dat er op een aantal gebieden zoals politiek, arbeid en onderwijs onvoldoende bereikt was en wilden daar dus meer bereiken. Verder werd er bij de tweede feministische golf bereikt dat mannen en vrouwen hetzelfde loon kregen, ze werden gelijk behandeld en abortus werd onder bepaalde voorwaarden toegestaan.

Voor de twee golven hadden vrouwen een niet zo goed leven, ze moesten gehoorzamen aan de man. Hadden geen recht op vervolgopleidingen, kregen minder goed betaald dan mannen enz. Na de twee golven is er een hoop veranderd voor de vrouwen. Ze kregen het passief kiesrecht in 1917 en in 1919 hadden vrouwen ook het actief kiesrecht. Verder hebben de vrouwen door de golven bereikt dat ze gelijk werden behandeld met mannen, dat ze hetzelfde loon kregen als mannen. En dat ook vrouwen voortaan recht hadden op vervolgopleidingen, en ze zelfs naar de universiteit konden gaan als ze dat zouden willen.

Het feminisme heeft dus een best wel grote invloed gehad in Nederland. Zonder het feminisme waren vrouwen nu misschien nog wel minder belangrijk dan mannen, en werden ze nog steeds op sommige gebieden achtergesteld. Door de twee golven worden vrouwen en mannen nu gelijk behandeld, dat was misschien wel nooit gebeurd als het feminisme er niet was geweest. We (de vrouwen) kunnen dus blij zijn met wat er toen allemaal gebeurd is, anders was het leven voor ons misschien wel heel anders geweest.

Aletta Jacobs (1854-1929), deze naam is waarschijnlijk wel bij bijna iedereen bekend. eerste vrouwelijke arts in Nederland en feministe, is geboren te Sappemeer op 9 februari 1854 en overleden te Baarn op 10 augustus 1929. Zij was de dochter van Abraham Jacobs, genees-, heel- en vroedmeester, en Anna de Jongh. Op 28 april 1892 trad zij in het huwelijk met Carel Victor Gerritsen, graanhandelaar en links-liberaal politicus, met wie zij een zoon kreeg. Aletta Jacobs was de eerst vrouw die een H.B.S bezocht, ze volgde als eerste vrouw een universitaire opleiding en ook was ze de eerste vrouw die arts werd. Verder heeft ze jarenlang aan het hoofd gestaan van de vereniging voor het vrouwenkiesrecht. Hoe komt dat nu dat zij wel werd toegelaten als vrouw op de universiteit en de rest niet? Als scholiere schreef zij een brief aan Thorbecke, de eerste minister, met daarin het verzoek of zij niet toegelaten kon worden tot de academische lessen. Thorbecke antwoordde binnen een week, maar niet alleen naar Aletta ook naar haar vader. Aletta Henritte JacobsDaarin stond dat het goed was dat ze naar de universiteit ging. Het is dus te danken aan een meisje van 17 dat vrouwen voortaan werden toegelaten op de universiteit. Haar hele leven is Aletta Jacobs opgekomen voor de belangen van de vrouwen. Als arts schreef zij aan vrouwen voorbehoedsmiddelen voor, zodat vrouwen niet weer elk jaar zwanger zouden worden. Ook heeft Aletta Jacobs samen met andere vrouwen meer dan 50 jaar gestreden voor het vrouwenkiesrecht. De groep waar zij zich bij aansloten heten dus: 'feministen'. Ze organiseerden tentoonstellingen, gaven kranten en demonstreerden. In 1919 hadden ze hun doel bereikt en mochten vrouwen stemmen, in 1922 gingen vrouwen voor het eerst naar de stembus. Aletta was toen al 68 jaar oud.

Please be aware that the free essay that you were just reading was not written by us. This essay, and all of the others available to view on the website, were provided to us by students in exchange for services that we offer. This relationship helps our students to get an even better deal while also contributing to the biggest free essay resource in the UK!